Het zandpaadje…..

Vorige week pakte ik van zolder weer eens de doos met oude foto’s. Foto’s, veelal van jaren geleden en zeker niet meer in chronologische volgorde. De meeste foto’s zijn vergeeld, verkreukeld en met omgevouwen hoekjes. Ik pak een stapeltje foto’s en bekijk ze een voor een. Een foto van opa en mij terwijl we aan het vissen zijn bij de IJssel, schoolkamp en mijn eerste voetbalwedstrijd…..en een klassenfoto. En juist die foto boeit me.
Ik bekijk de foto wat beter. Negen kinderen en de juf. De foto is gemaakt op het grasveldje naast school. Op de achtergrond is een boerderij zichtbaar. Op het erf staat een tractor. Achter de boerderij zijn nog net de wieken van de molen zichtbaar. Tussen school en de boerderij lag een klinkerweg…….
Ik probeer mij de namen te herinneren van de kinderen die ik op de foto zie staan. Namen die tegenwoordig niet vaak meer te horen zijn in een klas. Irma, Jouke en Jan-Willem. Noem het oud Hollands, noem het oud bollig, maar zo was het…..vroeger.
Het zal 1976 geweest zijn. Op de foto voor de schoolfotograaf. Ik zie mezelf zitten in een korte broek, kniekousjes en spencer. Mijn handen keurig op mijn bovenbenen. Naast mij zit Irma…keurig jurkje met lakschoentjes en strikje in haar haar. Aan de andere kant zit Jonas. De wildebras met pleister op z’n knie. Achter mij staat juffrouw Marianne. Zij wist alles en had ook altijd gelijk zelfs als mijn moeder iets anders zei…..
De weg naar school was niet moeilijk. Van uit huis links af naar het plein. Langs de waterpomp naar de kerk en achter de kerk rechtsaf een zandpaadje op. Naast het zandpaadje lag aan weerskanten een sloot met daarachter een rij wilgen. Achter die wilgen lagen weilanden. De koeien in de wei graasden in mijn beleving het hele jaar door. De zon scheen altijd en de takken van de wilgen bewogen lichtjes mee met de zachte bries die altijd woei……Links achter de weilanden lag de dijk van de IJssel . Na het zandpaadje naar rechts, de klinkerweg op en ik was op school.
Ik bekijk de foto en herinner me Evert. Evert was een van de kinderen in de klas die thuis een boerderij hadden. Naar de w.c. gaan bij Evert was een avontuur. Buiten, naast de bijkeuken, stond de poepdoos. Van hout en met een hartje in de deur. Voor aanvang de ronde deksel optillen en na afloop de deksel weer terug op het gat. Tegenwoordig heet zo’n ding een Dixie, toen een poepdoos. Tijden veranderen…..
Binnenkort ga ik terug….terug naar dat grasveld naast school. Terug naar dat dorp, de waterpomp, de kerk en de molen. Ik hoop Irma weer te zien en Jan Willem en Evert. Een reünie, bedoelt om oude herinneringen op te halen. Als ik de klassenfoto bekijk zijn de herinneringen levendig. En mooi. ….Ik leg de foto weg en zoek op de computer naar een lied dat misschien wel het beste de herinneringen weer naar boven haalt. En terwijl ik luister naar Wim Sonneveld met Het Dorp, loop ik weer heel even over dat zandpaadje……..

24 April 2012
By on 09:42
Tijdloos

Als ik de deur uitloop, gaat mijn rechterhand automatisch naar mijn horloge. De start/stopknop wordt ingedrukt en alles wat mogelijkerwijs geregisteert kan worden, wordt digitaal opgeslagen. Klaar om na afloop van de training bekeken te worden. Vergeleken te worden ook vooral. Waar kan het de volgende keer sneller? Waar lag mijn hartslag boven het gemiddelde en waarom liep ik daar 13.5 km gemiddeld terwijl ik daar op 18 augustus 2010 nog op 13.7 uitkwam? Heeft het verval toegeslagen? Gaan de jaren nu toch echt tellen?
Controle, daar gaat het om. Controle over tijd, snelheid, hartslag en calorieen. Maar af en toe de controle kwijt zijn is helemaal niet erg. Even niet met mijn rechterhand de start/stopknop indrukken. Je gevoel volgen…

Vanmorgen dus 13 kilometer. Zonder horloge, zonder borstband. Nooit weten hoe ik gelopen heb. Qua tijd, snelheid, hartslag en calorieen dan. Lopen op gevoel heet dat. Eigenlijk lopen zoals lopen bedoelt is. Ik begin rustig ” op gevoel”. Ik ken het rondje. Hoevaak zal ik het al gelopen hebben? Ik wil deze training echt rustig lopen. Echt op gevoel en me niet laten lijden en verleiden door externen. Het rondje kent vaste “controlepunten”. De eerste bij restaurant Non plus Ultra. Een stuk verderop bij de Oude Zeeuwse weg. Daarna bij de Antwerpsetraatweg en een kwartiertje later (ongeveer natuurlijk,als ik alles onder controle heb..) voor de laatste keer bij de carpoolplaats.

In de verte zie ik een andere loper. Ik ken hem niet. Hij loopt een paar honderd meter voor mij.We lopen op een lange rechte weg. Lopen we hetzelfde tempo? Maakt niet uit. Ik loop gewoon lekker op gevoel……Maar dan begint het. Volgens mij is hij toch een stuk ouder dan mij. Dan moet ik toch sneller zijn? Ja hoor. Ik loop langzaam op hem in. Natuurlijk. Ik ben sneller als deze loper die, nu ik dichterbij kom, echt een aantal jaren ouder is. Misschien heb ik hem voor de Antwerpsestraatweg al wel ingehaald. Dat zou mooi zijn. Kijken of het lukt. Nog even een tandje erbij…..Shit, hij loopt toch ook stevig door. Hij kijkt om. Voelt dat ik hem in wil halen…..Versnelt hij nu? Maakt niks uit, ouwe. Ik ga je pakken voor de Antwerpsestraatweg. En als ik je heb ingehaald, kun je nog net even naar m’n rug kijken die vervolgens snel kleiner wordt.
Ik nader nu de Antwerpsestraatweg. De afstand is snel kleiner geworden. Nog 80…70…60 meter. Gelukt. Als ik hem inhaal zorg ik ervoor dat ik hem in een sierlijke draf passeer. Schouders recht, hoofd stil op de atlas, geen schokkende bewegingen. Een mooie soepele tred. Nog even een flinke teug lucht in m’n longen zodat ik zonder gehijg er een ” Goeiemorgen, ook lekker aan het lopen?” uit kan gooien. ” Goeiemorgen”, hoor ik de man zeggen. ” Ja, lekker op het gemakkie. Rustig aan op deze 2e paasdag. Het is de hele week al stressen. Nu even een uurtje ontspannen lopen. Lekker he?”
Ik kijk de man aan en vrees het ergste als ik naar zijn pols kijk……Inderdaad. GEEN HORLOGE. Bij de Antwerpsestraatweg aangekomen gaat de man naar links richting Bergen op Zoom. Ik moet gelukkig de andere kant op. Van de training zoals ik die in gedachten had is niks terrecht gekomen. Niks op gevoel gelopen, maar de kop gek laten maken. Als ik weer alleen loop voel ik de vermoeidheid in m’n benen stromen. Absoluut niet het gevoel wat ik gehoopt had. Ik loop door en baal van mezelf. De oude man blijkt een prima leraar te zijn. De volgende keer weer zonder horloge, maar met de les van de oude man in mijn gedachten.

9 April 2012
By on 14:16
RunningJikke

Haar blonde staartjes wapperen rustig heen en weer en met een speels gemak zet ze haar ene been voor de andere. Ze lacht voortdurend naar me en als ik vraag of het nog wel gaat zegt ze: x93jottumx94. Ik heb geen flauw idee wat x93 jottumx94 betekend, maar begrijp wel dat het een uitroep van enthousiasme is. Ik hoor haar constant grinniken en kijk links van me. Haar handen heeft ze gebald tot kleine vuistjes, haar armen dapper opgetrokken en haar schouders bewegen ritmisch mee op de ritme die haar beentjes aangeven. We zijn ongeveer halverwege en ik vraag aan haar of ze niet even moet stoppen. x93Stoppen?x94, vraagt ze. x93 Echt niet. Ik ben echt nog niet moe.x94 De manier waarop ze zojuist mijn vraag beantwoorde geeft geen ruimte voor discussie. Ze moet en zal blijven hardlopenx85x85.en ik geniet.

Een paar minuten later zijn we weer thuis. x93 Hoever hebben we gelopen, pap?x94, vraagt ze. x93Ruim een kilometer, Jikkex94, antwoord ik. x93 Yes, x85.. mama, ik heb meer dan een kilometer gelopen en ik ben geen een keer gestoptx94, roept ze naar Sas die in de tuin zit. x93Wow, geweldig meissiex94 , antwoord haar moeder.x94 x93Ging het goed?x94 x93Ja, echt heel goed. Nog maar 59 kilometer erbij en ik kan ook meedoen met de 60 van Texelx94

Het is zondag 10 juli. De zomer deelt af en toe wat speldenprikken uit , maar echt hoogzomer wil het nog niet worden. Toch is het behoorlijk warm als ik Jikke, na onze gezamenlijke kilometer, thuis bij Sas achterlaat. Ik ga zelf nog even een uurtje lopen en loop langs de speeltuin waar Ebbe aan het spelen is. x94 Dat kan harder, papax94, hoor ik hem roepen. Ik lach en zwaai in zijn richting. Hij zwaait terug . Net als ik wil vragen of hij een stukje mee wil fietsen, zie ik dat hij wegrent omdat hij dreigt getikt te worden door een vriendje. Ik zie nog net dat hij, ondanks zijn verwoede pogingen om het vriendje voor te blijven, toch getikt word. x93 Dat kon harder, Ebbex94, roep ik en draai naar rechts, richting Woensdrecht. Ik hoor de jongens lachen en verhoog lichtjes mijn tempo.

Als ik onder de douche vandaan kom zet ik even de televisie aan. De tour blijft trekken en ik volg Johnny Hoogerland op weg naar de bolletjestrui. De auto snijdt af, raakt Antonio Flecha en Hoogerland beland hard in het prikkeldraad. Met afschuw kijk ik naar de beelden. Hoe is het mogelijk? Die auto mag daar toch helemaal niet rijdenx85.? Als later blijkt dat de auto hoort bij de Franse televisie geeft dat eigenlijk alleen maar meer vragen. Geen camera auto, maar een auto die V.I.Px92s rondrijd. Moet dan echt alles wijken voor het grote geld en de commercie? Geld speelt zox92n belachelijk belangrijke rol in de sport dat deze steeds meer in de verdrukking komt. Afgelopen zondag wel heel letterlijk.

Als we tegen de avond aan tafel gaan is iedereen moe, maar voldaan. Ook Sas heeft nog een uurtje gelopen en de traditionele Belgische sportmaaltijd op zondag laat zich goed smaken. Terwijl Jikke een frietje in de mayonaise doopt zegt ze: x93 Ik geloof dat ik hardlopen leuker vind dan fietsen en wij hebben lekker gelopen he ,pap?x94 x93 Inderdaad, Jikke, wij hebben lekker gelopenx94x85x85x85..

12 July 2011
By on 16:22
Radio Tour de France………

Ik ben echt verdrietig als ik ergens in 1984 aan de ontbijttafel zit en hoor dat die nacht Theo Koomen is overleden. De radio vertelt dat de sportverslaggever na afloop van de voetbalwedstrijd FC Twente-MVV tegen een tegenligger is aangereden en ter plaatse is overleden.

Als jonge tiener lag mijn (nog in ontwikkeling zijnde) sporthart vooral bij het voetbal. Hardlopen was in die tijd een noodzakelijk kwaad dat nou eenmaal bij het voetbal hoorde. Alleen al het inlopen voor een wedstrijd of training was een opgave op zich. Trainingen zonder bal waren een heuse kwelling voor lijf en leden. Met medelijden keek ik in die dagen naar de televisie als een aantal magere mannetjes een afstand van 42 kilometer gingen overbruggen. 42 kilometer was zox92n beetje de afstand die wij elke zondag moesten afleggen naar mijn opa en omax85x85en zelfs met de auto was dat al een gruwelijk eind. Gerard Nijboer was Nederlander en daarom wel leuk om naar te kijken en met afschuw keek ik tijdens de Olympische Spelen van Los Angeles naar de Zwitserse Gabriela Andersen-Schiess die zwalkend het stadion binnenkwam. Mensonterend vonden wijx85..en dat was het ook.

Theo Koomen dusx85..en voetbal. Die twee gingen zo lekker samen. Op zondagmiddag (als we terugreden van opa en oma) luisteren naar Langs de lijn. Helmond Sport tegen Excelsior leek wel de finale van het wereldkampioenschap. Achterin de auto luisterde ik naar Theo Koomen , sloot mijn ogen en zag voor mij hoe de spits van Helmond Sport een doelpunt maakte die zijn weerga niet kendex85.zelden zoiets gezien op de vaderlandse voetbalvelden, aldus Koomen. Het publiek werd gek. Spelers van de tegenpartij applaudisseerden voor dit doelpunt. Ongekend.

x92s-Avonds met het bord op schoot keken wij naar Studio Sport. Wachten op de beelden van Helmond Sport tegen Excelsior en vooral wachten op het door Koomen zo bejubelde doelpunt. Als de samenvatting na amper 7 minuten voorbij is, blijkt het werelddoelpunt een simpel puntertje te zijn geweest. Net aangetikt door de spits, die er zelf van schrok dat zijn voet de bal beroerde. Tergend langzaam rolde de bal over de doellijn. Hij had hem er zelfs in kunnen pissenx85..en het applaudisseren van de tegenpartij bleek niet minder dan een ironisch handgeklap. x93Knap hoor, zox92n bal erin krijgenx85.Heel knapx94. Radio spreekt wat meer tot de verbeelding en Theo Koomen verhief beeldspraak tot een kunst. Prachtig.

Theo Koomen en wielrennenx85x85.een ander 1-2tje in de sportjournalistiek en dan met name de Tour de France. Als kind draaide ik het stuur van mijn fiets een halve slag zodat deze meer op een racefietsstuur leek . Mx92n bovenlichaam hangend over het stuur, mx92n armen licht gebogen en proberen om in een lichte tred de Alpe x91d Huez te beklimmen. Peter Winnen beklom de Hollandse berg en won. Ik beklom de Zalkerdijk en was Peter Winnen. In gedachten reed Theo Koomen op een motor vlak achter mij om de thuisblijvers en vakantiegangers elders in de wereld via Radio Tour de France verslag te doen van deze heroxefsche beklimming. Compleet met de tunes die zo karakteristiek zijn voor Radio Tour de France, inclusief de finale-jingle, draaide ik mijn 21 haarspeldbochten op weg naar de overwinning. Dijk op en dijk af. En Koomen deed verslagx85x85..NOS radio tourflitsx85.tourflitsx85..tourflits.

Ook deze zomer luister ik weer graag naar Radio Tour de France. Het hoort bij de zomer. Het hoort bij de achterdeur open zodat je ook in de tuin de etappe kunt volgen. Het hoort bij het aansteken van de barbecue rond het tijdstip dat de wielrenners in Frankrijk onder de rode driehoek doorrijden en de laatste kilometer ingaan. Het hoort bij het opzetten van de tent en ondertussen via de autoradio luisteren naar Radio Tour de France. Geweldige sport, onderbroken door interessante gasten en leuke muziek. Maar nooit meer zoals toenx85.met Theo Koomen.

5 July 2011
By on 19:29
Geluk zit’m in hele kleine dingen

Afgelopen weken heb ik het weer gemerkt…..je hoeft echt niet de staatsloterij te winnen om je gelukkig te voelen. Natuurlijk is een nieuwe auto leuk, een tweede woning in Spanje super en die wereldreis geweldig, maar wat nou als ik die staatloterij niet win, ben ik dan ongelukkig?

Ebbe die naar bed gaat en steevast, voordat ik zijn slaapkamer uitloop, mij nog even toevertrouwd dat ik echt de allerliefste papa van de hele wereld ben, maakt mij gelukkig.
Jikke die mij haar nieuwe kleren laat zien en vraagt of ik ze mooi vind, maakt mij gelukkig.
Na een lange dag gewerkt te hebben, eindelijk in bed liggen en samen met Sas kletsen over van alles en nog wat, maakt mij gelukkig.
Plannen maken voor aanstaand weekend met Sas en de kinderen, maakt me gelukkig.
Mijn moeder die opbelt en zegt dat ze het geweldig hebben op vakantie, na een winter vol ziekenhuisopnames en eindeloos herstel, maakt mij gelukkig.
Luisteren naar de vogels als ik 's-morgens met de honden in de polder wandel, maakt mij gelukkig
Na 20 minuten reanimeren van een 23 jarige vrouw uiteindelijk horen dat ze het gehaald heeft, maakt mij gelukkig.
Wakker worden en beseffen dat ik gezond ben en een geweldig gezin heb, maakt mij gelukkig.

Aan deze "kleine, simpele dingen", dacht ik toen ik vanmorgen te voet onderweg was naar Heerle. 13 kilometer heen en 13 kilometer terug. Ik wilde vandaag in iedergeval ongeveer 2,5 uur lopen, maar wilde ook mijn collega's zien die in Heerle voor de laatste keer oefenen voordat ze vrijdag examen moeten doen. Even een bakkie doen, ze succes wensen en weer terug naar huis lopen.
Ik voel me gelukkig. Dit is voor mij lopen zoals lopen bedoeld is. Van A naar B, bij B iets doen (bakkie doen, werken, op visite gaan) en vervolgens weer terug van B naar A. Het lopen helemaal verweven in je dagelijkse leven, zoals je ook je tanden poetst, eet, ademt…..
Zo simpel, zo eenvoudig. Stap voor stap. Geen vermoeidheid, geen pijn. Gewoon lopen omdat ik naar B wil. Daar wil zijn en weer terug. Rustig, langzaam. Alleen ik en ik alleen. Met mijn ademhaling en voetstappen, die mij langzaam maar zeker voortbewegen.

Ik heb mijn Camelback om, geld en telefoon in geval van nood bij me en denk aan dingen die mij gelukkig maken. En dat is veel. Ik heb veel om gelukkig van te worden en koester dan ook elk moment van geluk, hoe klein ook. Ik loop en ben gelukkig…….Geluk zit'm echt in hele kleine dingen.

29 June 2011
By on 13:42
De brief……..

Ieder jaar, zo rond begin juni, valt hij weer op de mat. Een keurige brief, in een al even zo keurige envloppe. Dik papier, een heus wapen erop en mooie krulletters die duidelijk maken dat de brief dan ook niet van zomaar iemand is…..de burgemeester van de gemeente Woensdrecht heeft namelijk de moeite genomen om mij een brief te sturen waarin hij mij uitnodigt voor een officiele bijeenkomst.
De brief is gericht aan Dhr. R. Fiks, oorlogsveteraan en in die hoedanigheid nodigt hij mij dan ook uit voor een bijeenkomst in het kader van de nationale veteranendag.
Ieder jaar open ik de envloppe en lees ik de brief aandachtig door. En ook ieder jaar ben ik vereerd met de uitnodiding……of toch niet?

Ook dit jaar las ik de uitnoding en was, misschien nog wel meer dan andere jaren, vertwijfeld.
Dhr. R. Fiks, oorlogsveteraan. Dat zijn eigenlijk de woorden waar ik het meeste mee zit. Dat er bij de bijeenkomst ook een lunch wordt aangeboden en na afloop een gezellig samenzijn is, neem ik voor waarheid aan, maar die paar woorden…."Dhr. R. Fiks, oorlogsveteraan."

Als klein jongentje keek ik tijdens koninginnedag naar het defile op paleis Soestdijk. Behalve de padvinders, zeeverkenners en de plaatselijke korfbalvereniging liepen ook veteranen mee. Oude mannen die met trots een hele rij medailles droegen op hun jasje ter hoogte van hun linker borst. De barret schuin over het hoofd getrokken, nog steeds keurig in de maat lopend. De een vlotter dan de ander, maar de tand des tijds gaat zelfs niet voorbij aan veteranen. Als ze voorbij de koningin lopen groeien ze van trots. Lopen langs de koningin….. Zij knikt beleeft met haar hoofd en beseft wat deze mannen hebben meegemaakt in de oorlog. Een oorlog die ook zij niet wilden, maar ze hebben gestreden tegen de overheersers….Nederland moest bevrijd worden van de Duitsers. Er werd zwaar gevochten, medestrijders kwamen om, anderen raakten gewond. En dat allemaal voor God en Vaderland.

Jaren later liep ik als wat groter jongentje bij de brigadecommandant naar binnen. Na lange tijd de boot te hebben kunnen afhouden had ik besloten dat ik binnen nu en een jaar toch maar een keer op uitzending moest gaan. Een uitzending die al jaren als een donkere wolk boven Sas en mij hing. Wij wilden verder met ons leven. Trouwen, kinderen, een huis kopen en die dreigende uitzending gooide steeds roet in het eten, bij alle toekomstplannen die wij maakten.
Ik werd aangewezen voor een uitzending naar Joegoslavie. Een burgeroorlog. Veel leed en ellende, maar ik zou daar wat aan doen. Ik zou de mensen daar helpen en ze weer een goede toekomst geven. Net zo'n goede toekomst als ik met Sas zou krijgen na de missie. Natuurlijk zou ik niet alles kunnen veranderen, maar ik zou m'n stinkende best doen om de mensen daar te helpen…..dat was mijn missie.

Na 3 weken op missie kwam ik van een koude kermis thuis. De mensen die ik zou gaan helpen, bleken mijn grootste vijand te zijn. Ik werd bedreigd en beschoten. Vreesde voor mijn leven. Moest geevacueerd worden om mijn eigen hachie te redden. Ik had een goed voornemen, maar daar kwam weinig van terecht.

Wat heb ik gedaan om de mensen in Joegoslavie te helpen? Wat is er na mijn aanwezigheid daar veranderd? Heb ik mijn steentje bijgedragen aan verdraagzaamheid en wederzijds begrip?
Ik ben bang dat ik op al die vragen NEE moet antwoorden. Een paar weken geleden werd Mladic aangehouden. Duizenden mensen gingen in Servie de straat op en waren woest dat hun held naar Den Haag moest om zich te verantwoorden voor zijn daden in Sarajevo en Sebrenica. In hun ogen is hij nog steeds een oorlogsheld en een van hun….

Het is prachtig dat er aandacht wordt besteed aan veteranen. Erkenning en aandacht voor alles wat zij hebben meegemaakt. Ik ben dan ook vereerd om een brief te krijgen van de burgemeester. En eigenlijk vind ik dat ik op de uitnodiging moet ingaan……maar toch.

Ik had een ideaal, maar niet voor God en Vaderland zoals die veteranen bij paleis Soestdijk. Ik heb weing tot niks begedragen tijdens mijn aanwezigheid in Joegoslavie om het leven voor die mensen aangenamer te maken en hun een toekomst te geven. Zij wel….de mannen bij paleis Soestdijk. Zij hebben ervoor gezorgt dat wij in vrijheid kunnen leven. Zij zijn voor mij de echte oorlogsveteranen……….en ik wil mij niet onder hun gelederen scharen.

Ik denk dat ik maar niet ga……

16 June 2011
By on 20:39
Conclusie………

Het moeilijkste van afgelopen zondag was misschien nog wel het focussen op de
42 kilometer die voor me lagen. Na de 60 kilometer van Texel stelden deze 42
kilometer toch immers niet veel meer voor, was de mening van veel mensen.
"Makkie, Renko, peuleschilletje zou ik zeggen…" en " Appeltje, eitje.." waren
opmerkingen die ik de laatste dagen voor de marathon veel hoorde.

Natuurlijk….het scheelt 18 kilometer en met de kilometers van de afgelopen
maanden in de benen heb ik genoeg duurvermogen ontwikkeld om deze 42 kilometers
te volbrengen……maar toch. Het zijn en blijven 42 kilometers.

Aan de andere kant begreep ik de opmerkingen van de mensen wel en stiekem
dacht ik er af en toe zelf ook zo over….Pfff, wat stelt een marathon nou nog
voor na 60 kilometer op Texel te hebben gelopen.

Tussen deze twee gedachten hinkte ik, en vooral mijn moraal, de dagen voor de marathon.

Op zaterdagavond wordt de nodige spagethi naar binnen gewerkt en volgt niet
al te laat de gang naar bed. Na een goede nachtrust begin ik aan een uitgebreid
ontbijt met boterhammen, honing, banaan en koffie met suiker….gatver.

Als om 10.00 uur het startschot klinkt hink ik nog steeds op twee gedachten;
wordt het een makkie of wordt het afzien……?

Waar ik geweldig van geniet zijn al die lopers die zich 42 kilometer lang in
het zweet werken op MIJN trainingsrondes. Prachtig om een lange sliert lopers
voor en achter me te zien lopen op een dijk waar ik af en toe en met enige
arrogantie meen het alleenrecht op te hebben. Vooral op zondagochtend. Nu lopen
er bijna 200 mensen op deze dijk en als ook de lopers van de 5 kilometer zich op
deze dijk bij ons voegen, is het een bonte gezelschap……..op MIJN dijk.

In een rustig tempo hobbel ik door en praat af en toe met wat andere lopers.
De eerste 20 kilometers vliegen voorbij en als wij aan de grote lus om de
vliegbasis beginnen zie ik op mijn horloge dat ik toch wel wat voor lig op het
schema wat ik in gedachten had. Dat schema is gebasseerd op de wetenschap dat ik
de laatste maanden veel duurwerk gedaan heb in een tempo van 10 km/uur. Ik kan
en mag van mezelf niet verwachtten dat ik deze 42 kilometer " afraffel" in 13 of
14 km/uur. Dat zou onrealistisch zijn. Toch verteld mijn horloge me dat ik
gemiddeld een dikke 11 km/uur loop en dat gekoppeld aan het gevoel wat ik op dat
moment heb, leert mij dat een tijd van onder de 4 uur er wel in moet zitten. De
grote lus om de vliegbasis is pittig. Veel kleine heuveltjes en mul zand. Toch
lukt het me daar om het tempo vast te houden en haal ik voorzichtig wat lopers
in. De koolhydraatgel op 35 kilometer smaakt goed en geeft me wat extra energie.
Als ik uiteindelijk finish in 3.45.20 kan ik alleen maar heel tevreden zijn.
Geen moment heb ik het echt moeilijk gehad en kon ik een lekker tempo lopen.

Nu, twee dagen na de marathon, maak ik voorzichtig de balans op van het
afgelopen hardloopvoorjaar. Kennelijk lukt het mijn lichaam steeds om snel en
goed te herstellen van zware trainingen en wedstrijden. De nacht na de marathon
heb ik nachtdienst en gaandeweg de nacht verdwijnt de ergste verzuring.
Spierpijn heb ik niet. Eigenlijk kan ik maar tot 1 conclusie komen…..het
plafond is niet geraakt en is zelfs niet in zicht geweest. De uitdaging
blijft…het genieten van het lopen ook en het volgende doel is al weer in de
maak…….

 

7 June 2011
By on 12:18
Wat een dag…..

Langzaam gaat de slaapkamerdeur open." Papa, ben je al wakker?" hoor ik een stemmetje zachtjes vragen. "Ja hoor", antwoord ik. " Kom maar even in bed liggen".
Jikke kruipt bij me in bed en vraagt of ik zenuwachtig ben. " Ja, een beetje wel eigenlijk", is mijn antwoord. En jij? " Ik ook wel een beetje hoor……" We kijken elkaar aan en beginnen te lachen.
Vandaag is de dag dat alle puzzelstukjes in elkaar moeten vallen. Alle trainingen van het laatste anderhalf jaar, de mentale voorbereiding, de voeding, het drinken, de rust van de laatste dagen. Alles moet nu kloppen.

Als ik aan de ontbijttafel zit om een stapel boterhammen met jam en honing weg te werken, komt Sas naar beneden met de kinderen. " Kijk eens papa", zegt Ebbe. Ik kijk op en zie dat de kinderen een T-shirt aan hebben met daarop de tekst " HET IS MAAR 1 RONDJE, PAPA" . Op de achterkant van het shitje staat een foto van mij en het logo van Warchild
De tekst " het is maar 1 rondje papa" refereert aan een aantal maanden geleden toen ik in Bergen op Zoom bij een hardloopwinkel wat koolhydraatrijke voeding in de vorm van gelletjes kocht. De verkoper vroeg geintereseert naar mijn hardloopaspiraties. Toen ik antwoordde dat die op Texel lagen keek hij bedenkelijk. " De 60 van Texel? Een behoorlijke afstand, maar goed, aan de andere kant, het is maar 1 rondje." Sas en de kinderen begonnen hard te lachen……" Ja papa, wat zeur je nou. Het is maar 1 rondje."

Ik kijk naar de kinderen en krijg een brok in m'n keel. Alles en iedereen heeft de laatste tijd zo enorm mee geleeft. Ik merk ook aan de kinderen dat zij naar deze dag toe hebben geleeft. Nu staan ze voor me met hun shirtjes aan. Ik sta op en geef Sas een knuffel om haar te bedanken voor deze mooie verrassing en pink een traantje weg……het zou niet de laatste zijn voor vandaag.

Bij de start is het al behoorlijk druk. Ik moet mijn startnummer en chip nog ophalen. Als ik over de parkeerplaats naar het gebouw van het NIOZ
loop, merk ik dat er naar ons gekeken word. Ik zie uit mijn ooghoeken mensen lachen en hoor dat ze opmerkingen maken over het shirtje van de kinderen. "Wat geweldig zeg, Het is maar 1 rondje papa", hoor ik een vrouw roepen. Even later komt een andere vrouw naar ons toe en vraagt of ze een foto mag maken van mij en de kinderen. " Wat een leuke t-shirtjes…echt geweldig". De kinderen lachen naar het fototoestel alsof ze nooit wat anders doen. Inmidels zitten we een half uur voor de start. De spanning stijgt……..

Als de speaker de lopers oproept om naar het startvak te gaan geef ik sas en de kinderen een knuffel. Ik voel tranen opkomen en probeer ze tegen te houden. Maar waarom eigenlijk? Dit is het moment waar ik anderhalf jaar naar uitgekeken heb. En niet alleen ik. We hebben het met z'n vieren gedaan.Met z'n vieren uitgekeken naar deze dag. Alleen had ik dit nooit gekund. Ik pak Sas nog wat steviger vast en laat de brandende traan over mijn wang vloeien. Het is goed zo. We gaan beginnen…….

Het startschot valt en direct wordt de lucht gevuld met een ongelooflijk geschreeuw van de mensen langs de kant. Aanmoedigingen rijgen aan elkaar en het geklap van de toeschouwers zorgt ervoor dat ik nauwelijks hoor dat ik over de mat ga die de start aangeeft. In tegenstelling tot andere wedstijden is de start van een ultra rustig, beheerst en overzichtelijk. Er wordt niet geduwd en getrokken. Er worden nog wat bemoedigende woorden naar elkaar geroepen en met respect wordt gekeken naar de kop van de wedstrijd die we nog net de grote weg zien oversteken. Een lange slinger van lopers strekt zich voor mij uit. Links verlaat de veerboot de haven, op weg naar Den Helder. Ik ben op weg naar God mag weten wat…….

Na 5 kilometer gaan we het strand bij de Hors op. De organisatie had vooraf gewaarschuwd voor met name dit stuk. Het ligt er loodzwaar bij, vooral door de droogte en het gebrek aan een stevige storm in het afgelopen seizoen. Al binnen twee minuten schieten alle meters in het rood. Tempo verlagen. Niet denken aan een eindtijd. Nu inversteren in de nabije toekomt…..over een paar uur als ik het eiland gerond heb en op de terugweg ben. Ik drink regelmatig en zie na 3 kilometer stand de eerste lopers al wandelen. Ondanks de opkomende verzuring aan het begin van het strand blijf ik redelijk lopen. Ik ga niet stuk en weet het tempo langzaam op te voeren. Ik haal wat mensen in en vind aansluiting bij een groepje van 6 lopers. Ik zoek, net als de andere lopers, het kleine strookje hard zand op dat zichtbaar wordt als de zee zich even terugtrekt. Dat stuk is dan wel redelijk hard, maar loopt ook schuin naar beneden. Mijn enkels beginnen zeer te doen. Als er een golf aankomt spring ik naar rechts om het water te ontwijken. Als een golf onverwacht verder het strand opkomt en mijn schoenen nat worden begin ik te vloeken. " Je kunt beter accepteren dat je natte voeten krijgt", hoor ik achter me." Het kost je teveel kracht om de golf steeds te onwijken". Ik kijk even om en zie de loper zijn voeten ferm in de opkomende golf zetten.
" Bedankt voor de tip", roep ik en volg zijn voorbeeld. Een koude klets water loopt nu mijn linker schoen in. Accepteer het, Renko. Accepteer de natte schoenen, accpeteer de warmte, het zand, de duinen, de opkomende hoofdpijn. Accepteer de 60 van Texel………

Bij de Koog zie ik Sas, de kinderen en mijn schoonmoeder staan. Snel worden mijn armen en nek ingesmeerd met zonnebrandcreme en worden mijn bidons gevuld met water. Ik drink veel en dat blijkt later een goede zet te zijn. Iets verder op gaan we het strand weet af. Dat lijkt een verlossing, maar voordat het zover is volgt eerst een stijle klim. Na deze klim een afdaling die zo mogelijk nog zeerder doet dan de klim.Het strand is nu echter achter de rug en maak ik me op voor het duingebied achter de Slufter.

Daar heb ik het moeilijk. Het tempo gaat achteruit. De kleine korte klimmetjes doen zeer en ook in de afdalingen kan ik niet ontspannen. Ik wordt ingehaald door een aantal lopers. Ik weet dat ik nu geen negatieve gedachten in me op mag laten komen. Elke vorm van negativiteit elimineren. Niet denken aan het feit dat ik nog niet eens op de helft ben, maar denken aan dat dadelijk Sas bij me is en op de fiets meerijdt. Het valt echter niet mee. In de lager gelegen stukken valt de wind weg en brand de zon op mijn lichaam. Nog even en dan zie ik Sas…….

Vlak voor de Cocksdorp staat Sas. Ze zwaait in de verte. Heerlijk. Een paar kilometer eerder dan was afgesproken, maar een geweldige verrassing. Direct geef ik haar mijn heupgordel met bidons en zet ik mijn petje af. Sas overhandigt mijn de zonnebrandcreme en al lopend smeer ik mijn hoofd in. Voor me nu een lange dijk. Links de Waddenzee, rechts de schapen. Een gevoel van rust valt over me heen. Sas is bij me en samen gaan we de laatste 20 kilometer in. In mijn hoofd zit dan de Speeltuin van Marco Borsato. Het moet zo zijn…….

Op kilometer 45 buigt de weg scherp af naar links en gaat de brede weg over in een smal paadje over een sluis. Ik hoor een luide toeter uit de richting waar ik naar toe moet. Ik kijk even op en zie een paar mensen onder een spandoek staan. Ik buig m'n hoofd weer naar beneden om me te concentreren op de weg. " Dat is voor jou hoor", hoor ik Sas zeggen. " Voor mij?. Wie is dat dan?" vraag ik. "Dat zijn Ilja en Rene", zegt Sas. Ik krijg kippevel. Dit had ik niet verwacht. Ik loop langzaam hun kant op en zie ook Marisca bij het spandoek staan. Dit complot is volledig langs me heen gegaan. Ik lees snel het spandoek: Trots op Renko Fiks, 60 is niet niks. Er is weer een traan in de maak, voel ik. Geweldig. Wat een opsteker. Zeker op het moment dat het lichaam steeds harder protesteert tegen de inspanning en de geest af en toe ook het koppie laat hangen. Een paar kilometer verder op staan ze weer. Ik geniet. Dit is mooi. Dit is geweldig.

Ik ben er nog niet. De laatste tien kilometer komen er aan. Van af dat moment zie ik veel lopers die het moeilijk hebben. Een aantal wandelen of rekken hun spieren tegen de opkomende kramp. Dit is lijden. Dit is afzien. Als ik een loper inhaal kijk ik snel even naar zijn gezicht. Zijn gezicht tekent zich af van de pijn. Ik kom echter redelijk ongeschonden deze kilometers door, maar nog steeds dwing ik mezelf niet te denken aan een eventuele finish. Ik probeer mijn gedachten bij de wedstrijd te houden. De bochten goed aansnijden, bij de verzorgingsposten goed drinken en even een stukje banaan naar binen te schuiven. Dat lukt aardig. Ik weet dat op drie kilometer voor de streep de Hoge Berg ligt. Een vervelende pukkel in het vlakke Texelse landschap. Zeker na bijna 60 kilometer. Ik zet nog een keer aan en voel aan m'n benen dat de weg omhoog begint te lopen. Nog even volhouden, Renko, probeer ik mezelf moed in te spreken. Sas roept dat ik er nu echt bijna ben. Voor het eerst in bijna 6 uur durf ik aan finishen te denken. HET GAAT LUKKEN. HET GAAT LUKKEN. Ik hoor dat Sas belt met haar en mijn ouders. Die zouden mij opwachten. Ik hoor nu de speaker. Ik draai naar rechts en zie in de verte mensen staan. Ik hoor Sas roepen. " Daar is de finish, kerel. Je hebt het gehaald! Geniet ervan.
50 meter voor de streep zie ik Ebbe en Jikke staan. Ze lopen het parcours op en geven me een hand. Met z'n drieen lopen we naar de finish. Dit is super. Dit is zo mooi. Ik kijk op m'n horloge en zie 5.56.44 staan. Ook nog onder de 6 uur.

Na de finish sluit ik Sas in m'n armen en komen alle emoties van de laatste tijd eruit. Anderhalf jaar trainen voor deze dag. Anderhalf jaar bezig zijn met de 60 van Texel. Anderhalf jaar geld inzamelen voor Warchild……en het is gelukt. Een gevoel van trots overvalt me. Trots op Sas, de kinderen. Trots op mezelf. Mijn benen willen niet meer en ik ga zitten in een stoel. Ik voel dat Ebbe zijn arm om me heen slaat. Het zit erop. Het is klaar. De missie is volbracht. Savo…..deze was voor jou, vent.

3 May 2011
By on 14:58
Mijn vriend Pijn……

Mijn vriend Pijn…….

Nog nooit heb ik zo opgezien tegen een training als de training die me zometeen te wachten staat. Het niet alleen de duur maar ook de invulling die ik aan deze training moet geven om het een geslaagde training te laten worden.
Ik trek mijn loopkleren aan en dan begint de eerste twijfel al…..
Lange broek of korte broek? Toen ik zojuist de honden uitliet was het best nog wel fris, maar als dadelijk de zon doorbreekt zal het snel warmer worden….bovendien ben ik ruim 4 uur onderweg dus zal de temperatuur sowiezo stijgen.
Dan de vraag wat ik voor drinken mee moet nemen. Alleen water? Of ook sportdrank? Of alleen sportdrank? Maar met sportdrank spoelt mijn koolhydraatrijke gel niet zo makkelijk weg. Ik besluit een mix te doen van water en sportdrank. En hoeveel gelletjes moet ik dan mee nemen? 2 of voor de zekerheid toch maar 3? Pet en zonnebril mee of toch maar niet?
Ik moet eerlijk toegeven dat ik op zo'n moment echt moe van mezelf word en dan ik moet nog 47 kilometer lopen…….
Ik denk dat ik op zo'n moment ook gewoon een beetje last van straatangst heb. Het moment van de deur uitstappen en gaan lopen wil ik zo lang mogelijk uitstellen. Als ik dan uiteindelijk mijn schoenen heb aangetrokken (mijn oude goed ingelopen schoenen of mijn nieuwe schoenen die ik op Texel aan wil doen en die nog een paar inloopkilometers nodig hebben?) ga ik via de voordeur weg. STOP….. nog even snel kauwgum pakken. Na twee bonkies rubber in m'n kwek te hebben gestopt is het moment dan toch echt aangebroken….ik ben weg en kom de eerst volgende 4 a 4,5 uur niet meer thuis.
Ik laat hierbij overigens het ritueel betreffende mijn stoelgang vlak voor het lopen maar even achterwege…….

De eerste kilometers geniet ik van de rust en de kalmte om me heen. Alles en iedereen lijkt nog te slapen. Alleen een krantenjongen komt op zijn fiets met piepende ketting dichterbij en groet me binnenmonds met een "Goedemorgen".
De vogels fluiten en ik moet om mezelf lachen als ik denk aan het theaterstukje wat ik toch iedere keer voor mezelf opvoer vlak voor een lange duurloop. Waarom toch zo moeilijk doen? Gewoon je spullen aantrekken, de voordeur uitgaan en lopen. Zo moeilijk is dat toch niet?

Na een uurtje of twee begin ik mijn benen wat te voelen. Ik zoek een stuk bos op waar veel los zand te vinden is zodat ik goed kan trainen voor het strand van Texel. Ik weet dat de pijn in mijn benen nu niet minder zal worden, maar ik had mezelf vandaag beloofd om het randje op te zoeken. Niet zeuren dus. De pijn in mijn benen wordt inderdaad niet minder als ik weer een uurtje verder ben. Ik herken de pijn. Ik ben er zeg maar aan gewend geraakt door de vele trainingen van de afgelopen maanden. Ik ben hem als een soort vriend gaan beschouwen die telkens bij de lange duurlopen even mee komt lopen.. Ik schrik er ook niet meer van, maar verwelkom hem met een brede glimlach. De pijn zal ook niet erger worden in het aankomende uur. Met z'n tweeen gaan we het laatste uur in. Hij is niet hinderlijk of vervelend. Hij zeurt of steekt niet……hij is er gewoon en ik ben aan hem gewend geraakt. Het is geen vervelend mannetje.
Na bijna 4,5 uur zijn we thuis. Ik trek m'n schoenen uit en op dat moment vertrekt hij weer…….Tot de volgende keer, wil ik bijna zeggen, maar dan realiseer ik mij iets. Ik denk namelijk dat de pijn nog een grote broer heeft. Ik vrees dat die grote broer op Texel met mij meeloopt. Of wat te denken van zijn vader. Als die maar niet ook op Texel is……die man heeft vast wel een hamer..
Ik neem het er maar voor lief. Nog een week training en dan zit het erop. Mij maakt het niet uit wie van de famillie Pijn mij komt vergezellen op Texel. Het zal vast wel gezellig worden…..

7 April 2011
By on 14:13
Hardlopen in oorlogsgebied……..

Met hardlopen verleg je je grenzen….. zowel leterlijk als figuurlijk. Niks is inspirerender dan in een andere omgeving je loopschoenen aan te trekken en de natuur in te gaan. Andere landen, andere culturen, andere omstandigheden. Of het nu het toendragebied van Fins Lapland is of het Hymalayagebergte in Nepal, ik heb altijd geweldig genoten van het lopen in een ander land.

Ongetwijfeld de meest bizarre omgeving waar ik mijn loopschoenen heb aangetrokken is Bosnie.
Ik werkte in die tijd bij de Marechaussee en uitgezonden worden naar Bosnie, Angola of Cambodja was slechts een kwestie van tijd. Ik zag er niet echt tegen op. Je kiest er min of meer voor. Voor Sas lag dat anders. We hebben er lang over gepraat en uiteindelijk kozen we ervoor om mij vrijwillig op te geven voor een missie in Bosnie. Vanuit Bosnie was het immers relatief vrij simpel op verlof te gaan naar huis.
Het werd Bosnie dus….

De eerste weken waren bizar, ongelooflijk en zijn nooit uit mijn geheugen weggegaan. Wat ik daar gezien en meegemaakt heb is onwaarschijnlijk. Ik werkte in het stadje Brcko, wat op dat moment bekend stond als een Servisch bolwerk. Na die eerste weken
komt het moment dat je je leven aanpast en vanuit een soort zelfbehoud je dagelijkse gang van zaken probeert op te pakken. In mijn geval hoort daar harlopen bij. En zo komt het dus dat ik gelopen heb in een omgeving welke op dat moment wereldnieuws was. In een land dat verscheurd werd door een gruwelijke burgeroorlog, waar de plaatselijke bevolking tegen onze aanwezigheid was en dat ook duidelijk lieten blijken en waar ik dus mijn kilometers probeerde te maken….

Ik had in mijn collega Michael een vast maatje, een buddy.
Het zou beslist veiliger zijn geweest als Michael meeging hardlopen zodat we in iedergeval met z'n tweeen waren als er iets gebeurde. Maar als Michael alleen al het woord "sporten" hoorde gingen z'n nekharen overeind staan alsof hij door een aantal Serven met Kalasnikovs op de huid gezeten werd.
Dan maar alleen hardlopen………..

Direct nadat ik thuiskwam van het werk (wij woonden bij een Servisch gezin) kleedde ik me om en ging op pad. Ik had een vast rondje dat Michael ook wist. Als ik na 1,5 uur nog niet terug was moest hij alarm slaan. De weg slingerde de stad uit en na de laatste kapotgeschoten huizen aan de rechterkant van de weg, boog ik linksaf een onverhard pad op. Zowel links als rechts van mij waren zwart/gele afzetlinten gespannen met daarop de tekst:"Warning….Mines", gevolgd door dezelfde waarschuwing in het Servo-kroatisch.
Af en toe werden de linten onderbroken door een alleenstaand huis dat van boven tot beneden kapot geschoten was. Het huis daarnaast was in de brand gestoken en het roetzwarte dak kon elk moment in elkaar donderen.
[media id=761105598Ei7l size=large]
En dan die verdomde mijnen. Niet teveel naar links of naar rechts lopen….Zolang ik niet in de berm liep was het relatief veilig. Midden op de weg dus. Na een aantal kilometers draaide de weg weer terug richting de stad. Onderweg kwam ik regelmatig een vrouw tegen die een kruiwagen voor haar uitduwde. In de kruiwagen zat geen hout,aarde of tuingereedschap, maar haar twee kleine kinderen onder een deken. Waar ze naar toe onderweg was? Ik weet het niet. Leefde haar man nog of was hij gesneuveld? Mischien liep ze met de kinderen wel naar het front om haar man te zoeken…..het was een idiote oorlog. Als ik vroeg in de ochtend mijn rondje maakte zag ik vaak een oude man fietsen. Hij zal zeker 65 jaar oud zijn geweest. Achter op de bagagedrager van zijn fiets zat een broodtrommeltje. In z'n hand had hij een Kalasnikov machinegeweer. Over z'n kleding droeg hij een camouflage jack. De man fietste naar het front. Laat in de middag fietste hij weer terug. Wat een idiote wereld. Opa besteed z'n oude dag aan oorlog voeren…..

Daartussen draaide ik dus m'n kilometers. Ik heb negen maanden in dit gebied gezeten. Af en toe was het niet mogelijk om te lopen omdat het alarm werd opgeschaald en code rood werd afgegeven. Een aantal weken ben ik zelfs uit het gebied geevacueerd omdat de dreiging tegen ons te groot werd. Het was een bizare periode. Een achtbaan van emoties. Maar door te lopen voelde ik me goed. Ik kon m'n gedachten even op iets anders richten. Lekker m'n energie kwijtraken. Ik ben er van overtuigd dat ik, door te lopen, mezelf kon resetten en weer energie opdeed voor de daaropvolgende dag of dagen. Lopen in oorlogsgebied…. niet aan te raden, maar voor mij een hele bizarre ervaring.

2 April 2011
By on 17:39